In de Waddenzee leven meer dan 10.000 zeehonden. De overgrote meerderheid zwemt in het Waddengebied — en dat is niet verwonderlijk. De ondiepe Waddenzee met zijn getijden is een uitstekend thuis voor dit uitzonderlijke dier.
Bijna uitgestorven
De zeehond is niet altijd beschermd geweest. Tijdens de middeleeuwen werd er zo intensief op gejaagd — voor vlees, vet en vacht — dat hij bijna volledig verdween uit het Waddengebied. Halverwege de 16e eeuw werden er zelfs premies uitgeloofd voor het vangen en doden van zeehonden. Pas in de jaren zestig van de vorige eeuw werd de jacht volledig verboden en kregen zeehonden een beschermde status.
Twee soorten
In de Waddenzee komen twee soorten voor: de gewone zeehond en de kegelrob. De kegelrob — vernoemd naar de spitse vorm van zijn kop — is de meest nieuwsgierige van de twee. Zie je er eentje mee zwemmen langs een schip, dan is het waarschijnlijk deze rob. Ook de grootste: het zwaarste roofdier in dit deel van de Noordzee. Zijn collega de 'gewone' zeehond is in vergelijking een echte lobbes — met zijn ronde kop en grote ogen zie je er geen kwaad in. Maar zwemmend met snelheden tot 40 km/u zijn ze allebei met recht de koning van het Wad.
Hoe worden ze geteld?
Jaarlijks in augustus worden zeehonden geteld vanuit kleine vliegtuigjes op 150 meter hoogte, in opdracht van het ministerie van Landbouw. Omdat je alleen de dieren kunt tellen die op dat moment op een zandbank liggen, worden er meerdere meetmomenten per jaar gehouden. Bij alle berekeningen wordt 35% opgeteld — dat zijn de zeehonden die tijdens de telling in het water liggen.
Vanuit de Waterwolf
Vanuit een zeilschip zie je zeehonden op de beste manier: rustig, zonder motorgeluid, laag boven het water. De Waterwolf vaart regelmatig langs de zandbanken waar ze liggen. De schipper weet waar je kans maakt — en als je geluk hebt, zwemt er een nieuwsgierige kegelrob een stukje mee.
Klaar om zelf aan boord te stappen?
Vaar mee en spot zeehonden →